Filter resultaten
Thema
Toon alles
Type
berichten gevonden
Monitor inkomen
Onderwerpen

De samenstelling en verdeling van inkomens in Fryslân

Het inkomen van mensen is een belangrijk gegeven om inzicht te krijgen in hun leefsituatie. De hoogte en zekerheid van inkomen heeft gevolgen voor bijvoorbeeld de gezondheid, kwaliteit van huisvesting en het vertrouwen in andere mensen. In de afgelopen jaren groeit de aandacht voor de inkomensverschillen in onze samenleving waardoor de kansen en mogelijkheden ongelijker zijn verdeeld (FSP, 2020). Sommige groepen inwoners krijgen te maken meer inkomensonzekerheid of lopen door een laag inkomen een groter risico op armoede. De monitor Inkomen geeft een overzicht van relevante inkomenscijfers in Fryslân zoals de hoogte van het inkomen, de inkomensverdeling, armoede en het aandeel inwoners dat moeite met rondkomen ervaart.

Gemiddeld lager inkomen in Fryslân

In 2020 heeft een Fries huishouden een gemiddeld inkomen van 30.100 euro, dat 3.000 lager is dan landelijk. Binnen Fryslân ligt dit inkomen het hoogst onder een paar met kinderen en onder 45 t/m 65 jarigen. Het gemiddeld inkomen verschilt ook per regio en ligt het hoogst in gemeente Opsterland (32.200 euro) en het laagst in gemeente Achtkarspelen (28.400 euro). Vergeleken met landelijk is Fryslân na Groningen de provincie met het laagst gemiddeld inkomen van huishoudens.  

i ?

Minder inkomensongelijkheid in Fryslân

In Fryslân is er minder inkomensongelijkheid dan landelijk. Kijkend naar het Gini-coëfficiënt is dit respectievelijk 0,26 en 0,29. Het Gini-coëfficiënt wordt internationaal gebruikt om inkomensongelijkheid te meten: des te hoger dit getal, des te groter de inkomensongelijkheid. Zowel in Nederland als in Fryslân is de inkomensongelijkheid door de jaren heen vrij constant. De verwachting is dat dit op korte termijn niet verandert. Binnen Fryslân is de inkomensongelijkheid het grootst op Vlieland en Schiermonnikoog. Naast de Gini-coëfficiënt wordt vaak ook gekeken naar de inkomensgroepen waarbij huishoudens worden verdeeld in de inkomensklassen laag-midden-hoog. Vergeleken met landelijk behoren in Fryslân relatief veel huishoudens tot de laag- en middeninkomensklasse. Dit verschilt ook tussen de gemeenten: zo vallen relatief veel huishoudens in Harlingen in de lage inkomensklasse (50 procent), waarbij dit in Tytsjerksteradiel en De Fryske Marren dit relatief het laagst is (allebei 39 procent).

i ?

Eén op de tien huishoudens loopt risico op armoede

Als mensen een jaar of langer een laag inkomen hebben bestaat het risico dat zij met armoede te maken krijgen (CBS, 2021). Dit betekent onvoldoende budget voor de minimale levensbehoeften zoals gezond eten, huisvesting, kleding, de zorgverzekering of de schoolkosten voor kinderen. Armoede laat zich moeilijk vangen in één getal, want er zijn verschillende inkomensgrenzen om te bepalen bij welk inkomenshoogte er sprake is van armoede. Veel gemeenten hanteren de 120 procent van het sociaal minimum als inkomensgrens in hun beleid en voorzieningen.

In 2020 had bijna veertien procent van de huishoudens volgens deze definitie te maken met armoede. Dit gaat om circa 38.700 huishoudens en 59.000 personen, waarvan 10.900 kinderen. Van alle provincies tellen alleen Groningen en Zuid-Holland relatief meer huishoudens in armoede, volgens de bovengenoemde definitie. Alhoewel het totaal aantal huishoudens in armoede sinds 2013 daalt, neemt de groep die minimaal vier jaar of langer met armoede te maken juist toe. Mogelijke verklaring is dat deze groep minder profijt heeft gehad van de aantrekkende economie en arbeidsmarkt sinds 2013 en  dat voor hen (meer) werk geen vanzelfsprekende uitweg uit de langdurige armoede is (FSP, 2021).

Van alle huishoudens die langdurig rondkomen onder 120 procent van het sociaal minimum, doet 61 procent dit al vier jaar of langer. Dit komt in 2020 neer op 1224 euro netto per maand voor een alleenstaande en 2.160 euro voor een paar met twee kinderen (CBS, 2021).  

i ?

Eén op de zes Friezen ervaart moeite om rond te komen

Veel inkomenscijfers zijn gebaseerd op het feitelijk huishoudinkomen, maar geven geen inzicht in hoe inwoners hun financiële situatie zélf ervaren. Onderzoek onder het Panel Fryslân laat zien dat in 2020 elf procent van de inwoners moeite ervaart met rondkomen. Daarbij valt op dat jongere leeftijdsgroepen en mensen met een lager opleidingsniveau dit vaker aangeven, dan 65-plussers en hoogopgeleiden (hbo- en wo-geschoold). Mogelijke verklaring is dat lager opgeleiden rondkomen als moeilijker ervaren doordat zij een lager salaris hebben of meer inkomensonzekerheid ervaren door een tijdelijk of flexibel arbeidscontract (CBS, 2017). Andere verklaring is jongere leeftijdsgroepen en lager geschoolden minder vermogen hebben opgebouwd en daardoor eerder moeite ervaren bij het rondkomen en opvangen van financiële tegenvallers (CPB, 2020; Rabobank, 2018)  

i ?

Meer weten?

Heeft u vragen of wilt u meer informatie? Zoekt u specifieke cijfers? We helpen u graag verder! Neem contact op met:

dr. Chaïm La Roi
dr. Chaïm La Roi Onderzoeker E-mail Chaïm LinkedIn 0625076610
dr. Chaïm La Roi
dr. Chaïm La Roi Onderzoeker

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten